x

Solomon Asch - Conformiteitsexperiment

De Asch-conformiteitsexperimenten, uitgevoerd door psycholoog Solomon Asch in de jaren vijftig, toonden de kracht van conformiteit in groepen aan en toonden aan dat zelfs eenvoudige objectieve feiten de verstorende druk van groepsinvloed niet kunnen weerstaan.

Het experiment

In de experimenten werden groepen mannelijke universiteitsstudenten gevraagd om deel te nemen aan een belevingsproef. In werkelijkheid waren op één na alle deelnemers "bondgenoten" (medewerkers van de onderzoeker die zich alleen voordeden als deelnemers). De studie ging over hoe de overgebleven student zou reageren op het gedrag van de andere 'deelnemers'.

De deelnemers aan het experiment (zowel de proefpersoon als de bondgenoten) zaten in een klaslokaal en kregen een kaart met een eenvoudige verticale zwarte lijn erop. Vervolgens kregen ze een tweede kaart met drie regels van verschillende lengte met het label "A", "B" en "C". Een regel op de tweede kaart was even lang als die op de eerste, en de andere twee regels waren duidelijk langer en korter.

De deelnemers werd gevraagd om voor elkaar hardop aan te geven welke lijn, A, B of C, overeenkwam met de lengte van de lijn op de eerste kaart. In elk experimenteel geval antwoordden de bondgenoten als eerste, en de echte deelnemer zat zo dat hij als laatste zou antwoorden. In sommige gevallen antwoordden de bondgenoten correct, in andere gevallen onjuist.

Het doel van Asch was om te zien of de echte deelnemer onder druk zou worden gezet om onjuist te antwoorden in de gevallen waarin de Zuidelijken dat deden, of dat hun geloof in hun eigen perceptie en correctheid zou opwegen tegen de sociale druk die wordt geboden door de reacties van de andere groepsleden.

Resultaten

Asch ontdekte dat een derde van de echte deelnemers minstens de helft van de tijd dezelfde foute antwoorden gaf als de Zuidelijken. Veertig procent gaf een aantal foute antwoorden, en slechts een kwart gaf de juiste antwoorden ondanks de druk om zich te conformeren aan de foute antwoorden van de groep.

In interviews die hij afnam naar aanleiding van de processen, ontdekte Asch dat degenen die onjuist antwoordden, in overeenstemming met de groep, geloofden dat de antwoorden van de Zuidelijken juist waren, sommigen dachten dat ze een perceptie hadden verloren omdat ze oorspronkelijk een antwoord dachten dat anders was. van de groep, terwijl anderen toegaven dat ze wisten dat ze het juiste antwoord hadden, maar zich aan het verkeerde antwoord conformeerden omdat ze niet wilden breken met de meerderheid.

De Asch-experimenten zijn in de loop der jaren vele malen herhaald met studenten en niet-studenten, oud en jong, en in groepen van verschillende groottes en verschillende omgevingen. De resultaten zijn consistent hetzelfde: een derde tot de helft van de deelnemers oordeelt in strijd met de feiten, maar in overeenstemming met de groep, wat de sterke kracht van sociale invloeden aantoont.

Verbinding met sociologie

De resultaten van het experiment van Asch resoneren met wat we weten dat waar is over de aard van sociale krachten en normen in ons leven. Het gedrag en de verwachtingen van anderen bepalen hoe we dagelijks denken en handelen, want wat we observeren, leert ons wat normaal is en wat van ons wordt verwacht. De resultaten van het onderzoek roepen ook interessante vragen en zorgen op over hoe kennis wordt opgebouwd en verspreid, en hoe we sociale problemen kunnen aanpakken die onder meer voortkomen uit conformiteit.